Het ecologisch wensbeeld voor het Zwarte Water is dat op diverse locaties langs de oever van de rivier luwtezones worden gerealiseerd. Zo’n zone zal de ontwikkeling van oevervegetatie (waterplanten en riet) stimuleren zodat paai - en rustgebieden ontstaan voor de vissen (zoals zeelt en kroeskaper). Voorwaarde is dat de luwtezones zo goed mogelijk afgeschermd zijn tegen waterbeweging en vertroebeling. Naast deze luwtezones langs de oevers is gekeken naar mogelijkheden om zijwateren in de uiterwaarden te verbinden met het Zwarte Water zodat ook hier paai – en opgroeigebieden kunnen ontstaan. Ook de te realiseren nevengeul heeft een positief effect op de visstand en draagt bovendien bij aan de Natura 2000 instandhoudingsdoelstellingen.
Luwtezones langs de oever
In de eerste fase van het project is bepaald welke locaties langs het Zwarte Water geschikt zijn om in te richten als luwtezone. Dit is gedaan door middel van een GIS-analyse waarbij geschikte locaties zijn geselecteerd op basis van onder andere de eigendomssituatie, aanwezige natuurwaarden en scheepvaartveiligheid. Vervolgens zijn verschillende maatregeltypen (o.a. vooroevers en damwanden) en materialen (o.a. hout en staal) beoordeeld op hun verwachte ecologische effectiviteit, uitvoerbaarheid, ruimtegebruik en benodigde beheer en onderhoudsinspanning.
Uiteindelijk is op die manier een inrichtingsbeeld ontstaan voor het Zwarte Water. Het inrichtingsbeeld bestaat uit een combinatie van maatregelen (afbeelding 1 en 2). Daar waar de ruimte beperkt is, is gekozen voor damwanden op ca. 10 meter uit de oever waardoor een zone ontstaat waar golven door wind en scheepvaart (beroepsvaart en recreatievaart) worden geremd. Daar waar meer ruimte is, is gekozen voor een vooroever in de vorm van een strekdam en ‘eilandjes’ of gronddam. Daarbij ontstaat langs de oever een brede luwe zone.